Laagdrempelige gesprekken
Laagdrempelige gesprekken
Om ouderen goed te bereiken, kozen we voor persoonlijk contact. We voerden gesprekken in de vorm van interviews en gesprekken op basis van de Kanskaart. Daarnaast was er groepsgesprek en huisbezoeken via M.O.S. We spraken uitsluitend met zelfstandig wonende inwoners van 60 jaar en ouder.
De gesprekken waren divers: deelnemers verschilden in leeftijd, sociaaleconomische positie, taalvaardigheid en migratieachtergrond.
Onze aanpak
- We gebruikten de Kanskaart en gespreksvragen in B1-taal als gespreksopeners.
- We voerden gesprekken tijdens huisbezoeken, koffiemomenten en groepsactiviteiten.
- Persoonlijk contact bleek effectiever dan schriftelijke communicatie. Ouderen voelden zich gezien en gehoord, wat het vertrouwen vergrootte.
Gespreksvragen in B1-taal
De oorspronkelijke vragen van Praat vandaag over Morgen zijn aangepast zodat ze beter aansluiten bij de doelgroep. We hebben de vragen herschreven naar B1-taalniveau en voorzien van passend beeldmateriaal. Dit maakt de inhoud eenvoudiger en toegankelijker, ook voor mensen met beperkte taalvaardigheid. Vervolgens zijn deze getest via interviews, huisbezoeken en groepsgesprekken.
De gesprekken gingen onder andere over:
- Wat is belangrijk voor jou om goed ouder te worden?
- Praat je wel eens met familie, vrienden, buren over het zorgen voor elkaar later?
- Is/zijn er voldoende aanbod/plekken in de wijk op het gebied van voeding, bewegen en ontmoeting om goed en gezond ouder te worden?

