Reablement als preventieve aanpak

Gemeente Smallingerland, Carins, M.O.S., Sportbedrijf Drachten en Sûnenz hebben samen een project opgezet binnen de oproep Reablement als preventieve aanpak. Het doel? Een antwoord vinden op de groeiende vraag naar ondersteuning voor ouderen. 


 In Smallingerland neemt het aantal inwoners van 60 jaar en ouder toe. De afgelopen jaren zijn er in de gemeente al stappen gezet om ouderen preventief te informeren over hoe zij gezond en actief kunnen blijven. Maar vooral ook door hier een passend aanbod bij te hebben wat gericht is op bewegen, voeding en ontmoeten. Echter, niet alle inwoners van 60 jaar en ouder werden bereikt. Vooral mensen met een lagere sociaaleconomische positie blijven vaak buiten beeld. 


De oproep van ZonMw gaf ons de kans om hier samen mee aan de slag te gaan. De looptijd van het project was 12 maanden. 

Organisatie

Stuurgroep

Vertegenwoordigers aanvragende partijen.

Opdracht: monitoren voortgang van het project

Projectgroep

Bestaande uit twee opbouwwerkers, een communicatiemedewerker, drie leden van de ouderenadviesraad en een projectleider.

Opdracht: concreet invulling geven aan de acties die nodig zijn om de doelen te behalen.

Ouderenadviesraad

Vestaande uit 10 tot 14 ouderen uit de gemeente Smallingerland.

Opdracht: gevraagd en ongevraagd advies op de voortgang van het project

Wat is het doel van dit project?

We willen dat ouderen begrijpen wat er verandert in de zorg en wat dat betekent voor hun eigen situatie. Zo denken zij zelf meer na over hoe zij zelfstandig kunnen blijven en praten daarover met mensen in hun omgeving.


Ouderen weten welke mogelijkheden er zijn om zelf iets te doen voor hun gezondheid. Ook kennen zij het Wegwijzerloket van de gemeente. Daar kunnen zij terecht voor informatie en advies.

Doelstellingen

Ouderen met lage SEP bewust maken van veranderingen in zorg.

Ouderen aanmoedigen om na te denken over hun eigen gezondheid, omgeving en toekomst.

Schrijf- en communicatiestijl laten aansluiten bij de behoefte van de ouderen.

Het preventieve aanbod wat er nu is passend maken voor de doelgroep.

Uitvoering

Doelstelling: Schrijf- en communicatiestijl laten aansluiten bij de behoefte van de ouderen.
Eerste fase

De eerste stap was in gesprek gaan met ouderen: wat spreekt hen aan? Hiervoor gebruikten we vragen uit Praat vandaag over Morgen. We voerden wijkgesprekken, koffietafels en individuele gesprekken, vooral om ouderen met een lagere sociaaleconomische positie te bereiken.

Wat bleek? Veel vragen werden niet herkend, vooral door mensen met lage gezondheidsvaardigheden en anderstalige inwoners. Daarom hebben we de vragen herschreven naar B1-niveau, met hulp van een ervaringsdeskundige laaggeletterdheid.

Ook de term reablement was onbekend. We vertalen dit nu naar begrijpelijke taal, zoals:
“Zelf oefenen om dingen weer zelf te kunnen doen of blijven doen.”

De nieuwe vragen hebben we getest via interviews, huisbezoeken en groepsgesprekken. Resultaat: ze worden beter herkend en nodigen uit om erover na te denken en in gesprek te gaan.


Tweede fase

Tijdens het toetsen van de nieuwe vragen werd duidelijk dat de vragen niet voor iedere inwoner geschikt zijn om in te zetten. De informatie en bevindingen leidden tot de volgende interventies.

Kanskaart

Gesprekskaart

Laagdrempelige gesprekken

Campagne posters

Doelstelling: - Ouderen met lage SEP bewust maken van veranderingen in zorg.- Ouderen aanmoedigen om na te denken over hun eigen gezondheid, omgeving en toekomst.

Uit gesprekken met inwoners bleek steeds hetzelfde: mensen met een lage sociaal-economische positie (SEP) zijn vaak vooral bezig met de uitdagingen van vandaag. Als het dagelijks leven al veel aandacht vraagt, voelt nadenken over later soms als een stap te ver. Daarom hebben we binnen dit project bewust de focus verlegd van ‘later’ naar ‘vandaag’.

Om inwoners op een herkenbare en laagdrempelige manier te bereiken, kozen we voor een ambassadeursaanpak. Daarbij stonden voorbeeldpersonen uit de wijk centraal. Hun verhalen lieten zien hoe kleine, kostenneutrale keuzes kunnen bijdragen aan een gezonder en prettiger leven. Denk aan vaker fietsen, wandelen of gezond koken. Tijdens de testfase maakten we gebruik van fictieve personen om deze aanpak te verkennen.

Aansluiten bij landelijke ontwikkelingenTijdens het project bleven we ook landelijke ontwikkelingen volgen. Zo kwamen we in contact met MantelzorgNL, dat vanuit het ministerie van VWS werkte aan een vertaling van de campagne ‘Praat vandaag over morgen’ voor mensen met een lage SEP. Ook daar was de conclusie dat de bestaande campagne onvoldoende aansloot bij de leefwereld en taal van deze doelgroep.

MantelzorgNL koos voor een aanpak waarbij de dialoog centraal staat. Gaandeweg zagen ook wij dat juist een lokale dialoogvorm goed aansluit bij de behoeften van inwoners. Daarom hebben we de samenwerking gezocht en afspraken gemaakt om als vervolg op dit project dialoogsessies te organiseren rondom het thema ‘Zorg voor jezelf, er zijn voor elkaar’.

DialoogsessiesDeze bijeenkomsten brengen het gesprek dichter bij de wijk: herkenbaar, toegankelijk en in woorden die passen bij de mensen om wie het gaat. De eerste dialoogsessie heeft inmiddels plaatsgevonden in de naastgelegen wijk De Wiken.